Vlak bij de perenboom hebben we twee composthopen gemaakt. Daar gaat naast het blad in de herfst vooral gras op. We hebben geen dieren en verder heeft ook niemand belangstelling voor het gras. In het voorjaar maken we de oude composthoop zoveel mogelijk leeg. De compost die we niet nodig hebben gaat weer op de hoop van vorig jaar.
Dan heeft het maaisel weer genoeg plaats.
In het najaar brengen we dan de oude compost op de bloem bedden, bij de rozen en fruitbomen.
Achter de composthopen hebben we een aantal bomen geplant. Onder anderen een acacia, een noot, essen en een spar. De berkenbomen stonden er al. Het eerst hebben we de hazelnoot struiken geplant.
Het begint al een aardig bosje te worden.
De walnoot en de acacia groeien erg hard, in tegenstelling tot de hazelnoten, wat nog steeds bescheiden struiken zijn.







